Umc’s

Programma Verbeteren van Kwaliteit

Samen beslissen

De patiënt als partner

Een jonge vader wil een complexe knieoperatie ondergaan zodat hij  later mogelijk toch nog met zijn zoontje kan voetballen. Een dame van 82 jaar wil, koste wat het kost, graag over drie maanden de geboorte van haar eerste achterkleinkind meemaken. Voor iedere individuele patiënt spelen andere aspecten een rol bij het kiezen van een behandeling.

Dit drijft zorgverleners om met hun patiënten te spreken over hun persoonlijke situatie en voorkeuren.  Hoe kunnen ervaringen van medisch specialisten andere collega’s stimuleren om verder in te zetten op samen beslissen? Hoe geef je de toerusting van zorgverleners in samen beslissen vorm? Hoe kan het EPD worden benut? En hoe evalueren we samen beslissen in de praktijk van de zorg?

Met deze en andere vragen gaan de deelnemende umc’s aan de slag. Het Erasmus MC en het MUMC+ zetten bijvoorbeeld in op de implementatie van Samen Beslissen in twee zorgprocessen, en zij participeren daarbij tevens in het implementatieprogramma Beslist Samen!

Deelnemende umc’s

Contactpersoon
dr. Marion Verduijn

Peer support

Interprofessionele samenwerking

Goede opvang voor de patiënt en zijn of haar naasten is bij een patiëntveiligheidsincident van cruciaal belang. Maar ook goede collegiale opvang voor zorgprofessionals is een aandachtspunt. Vanuit deze drive werken clinici en stafadviseurs kwaliteit uit zes umc’s samen om georganiseerde collegiale opvang en nazorg. uit te rollen in hun umc.

Zorgprofessionals krijgen in hun loopbaan bijna allemaal te maken met een ernstig patiëntveiligheidsincident. De impact op hun professioneel en persoonlijk functioneren kan soms zo groot zijn dat tijdelijk extra ondersteuning nodig is. In verschillende umc’s worden daarom stappen gezet voor het opzetten van peer support.

De betrokken umc’s willen de aanwezige kennis en ervaring uitwisselen en benutten voor versterking en versnelling van lokale activiteiten. Zoals uitwisseling rondom de implementatie en praktische werkwijze van een peer support systeem, plan van aanpak, protocollen en procedures,  het werven en trainen van peer supporters en juridische aspecten. Ook bepalen zij samen de wijze waarop zij de behoefte aan en impact van collegiale ondersteuning kunnen monitoren.

Deelnemende umc’s

Contactpersoon
dr. Loes Schouten

Redesign van zorgprocessen op basis van uitkomsten

Interprofessionele samenwerking

Hoe organiseren we de zorg zó dat teams hun gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de beste uitkomsten van zorg kunnen nemen? Zeven umc’s wisselen hun aanpak uit om interprofessionele teams op basis van uitkomsten van patiënten hun zorgprocessen in te richten op meer waarde voor de patiënt.

In de umc’s werken verschillende aandoeningsgerichte teams aan de (her)inrichting van zorgprocessen op basis van klinische- en patiëntuitkomsten. In dit verbetercluster vindt uitwisseling plaats tussen deze (klinische) teams; zij spiegelen onderling het design en redesign van behandel- en zorgprocessen, en de inrichting van verbetercycli en uitkomsten. Daarnaast wisselen umc’s hun kennis en gehanteerde methoden rond de aansturing van value-based health care uit.

 

Ook in Topaas: in het programma Sturen op Kwaliteit worden uitkomstensets bepaald voor diverse aandoeningen waaronder Schisis en Moeder & Kind.

Deelnemende umc’s

Contactpersoon
Mireille Pluijgers, MSc, arts

Teamsamenwerking

Interprofessionele samenwerking

De medische zorg voor patiënten in ziekenhuizen is in de loop der jaren  complexer geworden. De specialistische zorg neemt  toe en de inhoudelijke expertise wordt omvangrijker. Bij één patiënt zijn meestal meerdere zorgverleners betrokken. Dit stelt hoge eisen aan het teamwerk van zorgprofessionals. Goede teamtraining is daarbij onontbeerlijk.

Binnen de umc’s vinden verschillende vormen van teamtraining plaats. Binnen het VUmc loopt bijvoorbeeld het trainingsprogramma TeAMS, een verplichte training voor alle medisch specialisten. In dit programma worden complexe situatie en het multidisciplinair overleg interprofessioneel getraind. In andere umc’s wordt bijvoorbeeld gerichte scholing in Crew Resource Management (CRM) aangeboden.. De deelnemende umc’s willen de teamtraining voor zorgprofessionals in eigen huis versterken en hierbij van elkaar leren. Wat maakt een teamtraining tot een goede training, welk onderwijsmateriaal is voor deze trainingen binnen de samenwerking van de umc’s beschikbaar? En wat is nodig om een teamtrainingsprogramma breder uit te rollen? Deze vragen staan centraal in dit verbetercluster.

 

Ook in Topaas: in het Programma Sturen op Kwaliteit wordt stuurinformatie ontwikkeld waarmee onder meer teamfunctioneren systematisch kan worden gemonitord.

Deelnemende umc’s

Contactpersoon
Mireille Pluijgers, MSc, arts

Programma Sturen op Kwaliteit

Visieontwikkeling & expertise

Dialoog met bestuurders en expertgroep

Bestuurders met de portefeuille Patiëntenzorg ontwikkelen in dialoog met elkaar een gezamenlijke visie op kwaliteitsinformatie ten behoeve van het sturen op kwaliteit van zorg. Ter ondersteuning daarvan vindt zo’n dialoog ook plaats in de kringen van het College van Medisch Directeuren en het NFU-consortium Kwaliteit van Zorg. Input wordt ontvangen van enkele dialoog-ondersteunende projecten en van de ontwikkelprojecten.

Het doel van dit project is het ontwikkelen van een gedragen visie op kwaliteitsinformatie voor het sturen op kwaliteit en transparantie en het gebruik daarvan. Het project is in oktober 2015 gestart en loopt in het tweede jaar van het programma Sturen door.

De te ontwikkelen visie zal de koers bepalen van (verdere) ontwikkeling van de informatievoorziening over de kwaliteit van zorg voor de Raad van Bestuur. De resultaten en tussenresultaten van dit project komen daartoe beschikbaar binnen dit programma én worden aangereikt en besproken voor gebruik daarbuiten, ook in algemene ziekenhuizen.

Verwachte impact (zorgbreed)

  • Gezamenlijke en gedragen visie over kwaliteitsinformatie voor het sturen op kwaliteit en transparantie.
  • Een gezamenlijk beeld van selectie, betekenis en gebruik van kernsets en van de optimale omvang van de kwaliteitsinformatie voor de Raad van Bestuur.
  • Zicht op lokale keuzen voor indicatoren t.b.v. sturing en het gebruik ervan.

 

Proceedings Invitational Organizing for Improvement, London April 26, 2017

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 okt 2015 - 31 dec 2018

Projectleider

  • dr. Nico van Weert
    Coördinator

Heelkunde

Kernset Heelkunde

De umc’s staan voor een duurzame en patiëntveilige gezondheidszorg. Om dit doel te bereiken wordt veel kwaliteitsinformatie verzameld. De betekenis van deze informatie is echter niet eenduidig zodat sturing op verbetering van de kwaliteit van de patiëntenzorg moeilijk is.

In dit project is gestart met de definiëring van een kernset voor de afdeling heelkunde en het beschikbaar stellen hiervan voor de RvB. Deze krijgt hiermee inzicht in de kwaliteit van de geleverde zorg door de afdeling heelkunde en tevens de mogelijkheid om hierop te sturen. De kernset bevat betrouwbare en vergelijkbare kwaliteitsinformatie op ziekenhuisniveau waarbij de reeds beschikbare informatie het vertrekpunt is.

Naast definiëring van een kernset is ontwikkeling van een gezamenlijke visie op sturen op kwaliteit en transparantie doel van dit project. De kwaliteitsinformatie wordt benut om de patiëntenzorg te verbeteren.

Basis voorwaarden kernset:

  • Het direct kunnen doorklikken naar patiëntgegevens
  • Actuele data (maandelijks)
  • Benchmark UMC’s
  • Visueel aantrekkelijk en eenvoudig op te vragen
  • Dashboard moet flexibel zijn (nieuwe indicatoren erop, oude eraf)
  • Samenhang tussen indicatoren, makkelijk switchen en doorklikken

Succesfactoren:

  • Motivatie eindgebruiker
  • Zorgverleners ontwikkelen zelf indicatoren
  • Eenvoudig benaderbare data
  • Hergebruik bestaande data
  • Gebruik data van verplichte externe aanlevering
  • Verantwoordelijkheid verbeteren bij zorgverlener (ondersteund door kwaliteitsbureau)

Belemmerende factoren:

Hoge werkbelasting

  • Geen aansluiting bestaande systemen

Verwachte impact (zorgbreed)

Het project leidt tot een werkwijze waarmee sturen op kwaliteit op een duurzame wijze bereikt kan worden.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

DICA, IGZ, LBZ

Eindrapportage

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 jun 2016 - 31 mei 2017

Projectleider

  • dr. Marlies Jansen-Landheer
    LUMC

Ervaring

Governance rond kwaliteitsverbetering: lessen uit lokale dashboardontwikkeling

In en door ziekenhuizen wordt veel kwaliteitsinformatie verzameld. De betekenis hiervan voor sturing op kwaliteitsverbetering is divers. In dit project wordt in acht umc’s, twee algemene ziekenhuizen en twee topklinische opleidingsziekenhuizen geïnventariseerd op welke manier informatie over kwaliteit van zorg wordt verzameld, getoond op dashboards en welke ondersteunende structuren bij het sturen daarop behulpzaam zijn (zoals periodieke gespreksrondes en leerbijeenkomsten).

Voortgebouwd wordt op data en inzichten uit drie studies naar kwaliteitsgovernance die in 2014 in opdracht van het Kwaliteitsinstituut en het NFU-consortium Kwaliteit van Zorg zijn uitgevoerd op meso (ziekenhuis) en micro (werkplek) niveau. Ook verzamelde data binnen de acht umc’s en verslagen van relevante bijeenkomsten zoals de Dialoogsessies met de bestuurders uit de umc’s worden benut. Daarnaast wordt in dit project een verbinding gelegd met de lopende studie over ‘goede leefsystemen’, waarin onder andere wordt onderzocht hoe zorgprofessionals externe indicatoren die onderdeel uitmaken van de ‘systeemwereld’ benutten voor interne sturing in de ‘leefwereld’.

Dit project heeft geresulteerd in een handreiking met praktische lessen, goede voorbeelden en discussiepunten voor de lokale ontwikkeling van het sturen op kwaliteit: 

Eindrapportage

Pecha kucha (zip, download begint meteen)

Presentatie

Publicatie: Broekharst D., Weggelaar A.M., Bruijne M. de. (2017) Leren van dashboard-ontwikkeling in ziekenhuizen: Data nog sterk extern gericht. BoardRoom Zorg. 08: 26-29.

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 jul 2016 - 31 dec 2016

Projectleiders

  • dr. Anne Marie Weggelaar-Jansen MCM
    Erasmus MC
    weggelaar@bmg.eur.nl
  • dr. Martine de Bruijne
    Universitair hoofddocent kwaliteit en veiligheid
    VUmc

Patiëntveiligheid

Naar benchmarking op veiligheidsindicatoren

Centraal in dit project staat het creëren van gemeenschappelijk draagvlak voor en visie op de ontwikkeling en implementatie van een benchmark met vergelijkende informatie over patiëntveiligheid van zorg geleverd door de umc’s.

Met behulp van een experimentele benchmark rapportage gebaseerd op thematische analyse van beschikbare veiligheidsindicatoren kunnen medisch directeuren ervaring opdoen met het gebruik van de benchmark rapportage voor onderlinge vergelijking. En de leden van de RvB van de umc’s verdiepen, in reactie op de presentatie van het ontwerp van de benchmarkrapportage, hun dialoog over sturen op kwaliteit en transparantie.

Verwachte impact (zorgbreed)

De benchmarkrapportage op veiligheidsindicatoren maakt zichtbaar wat mogelijk is door verschillende indicatorensets thematisch te combineren.

Deelnemende umc’s

Looptijd
15 okt 2016 - 15 apr 2017

Projectleider

  • dr. Martine de Bruijne
    Universitair hoofddocent kwaliteit en veiligheid
    VUmc

Psychiatrie

Verbeteren van sturingsinformatie over kwaliteit van zorg in de academische Psychiatrie.

Tot op heden wordt inhoudelijk niet op geaggregeerd niveau gekeken naar de kwaliteit van zorg binnen de academische psychiatrie. Ook wordt het perspectief van patiënten nog te weinig meegenomen

Doel van dit project is de ontwikkeling van een set van indicatoren waarmee de Raad van Bestuur en het afdelingsbestuur zicht krijgen op de kwaliteit van zorg binnen de psychiatrie, in het bijzonder op de domeinen externe verantwoording, symptomen, functioneren en patiëntervaring. Basis voor de set is de voor de GGZ verplichte ROM vragenlijsten en de voor de GGZ verplichte klanttevredenheidslijst. Met de set, die  in samenwerking met patiënten, de Raad van Bestuur en de cliëntenraad wordt ontwikkeld, verwacht het UMCG de sturingsinformatie over de kwaliteit van zorg te verbeteren.

Er wordt een indicatorenset ontwikkeld voor een viertal zorgprocessen rondom de stoornis depressie op basis van zowel een kwalitatieve- als een kwantitatieve analyse. 

Verwachte impact (zorgbreed)

  • Kernset van (vier) indicatoren over de kwaliteit van zorg binnen de academische psychiatrie voor de Raad van Bestuur
  • Sturingscyclus over de kwaliteit van zorg binnen de academische psychiatrie met periodieke rapportages voor de Raad van bestuur, welke verbeterinformatie oplevert.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

  • Routine Outcome Monitoring (ROM).
  • Hospitality: Nieuwe patiënten van het UCP worden ontvangen bij hospitality alvorens de behandeling begint. Hier worden zij gastvrij ontvangen en wordt o.a. aangegeven dat ze kunnen worden uitgenodigd voor onderzoek, geleerd hoe ze ROM vragenlijsten moeten invullen en hoe de gang van zaken is binnen het UCP. Hospitality heeft bijgedragen aan een hoge respons van vragenlijsten.
  • Klanttevredenheid: Aan het eind van de behandeling wordt patiënten gevraagd een gestandaardiseerde klanttevredenheidslijst in te vullen via e-mail. Onderdelen van de klanttevredenheidslijst kunnen onderdeel worden van de indicatoren set.
  • De patiënt centraal: In de UMCG visie 2020 staat het kijken en luisteren naar de patiënt centraal. Binnen dit project wordt een win-win situatie gecreëerd met aandacht voor het belang van de patiënt. Dit betekent dat het niet puur administratief wordt opgepakt, maar de patiënt wederom begeleidt in het enerzijds afscheid nemen en het anderzijds evalueren van de (de effecten van) ontvangen zorg.
  • Inspraak cliëntenraad: De cliëntenraad heeft een adviserende stem en worden in alle grote ontwikkelingen die patiënten aan gaan betrokken.
  • Wetenschappelijk Onderzoek: input voor wetenschappelijk onderzoek.
  • Regionale inbedding en implementatie: naast de landelijke inbedding binnen academische afdelingen psychiatrie, heeft het UCP aan de basis gestaan van een sinds 12 jaar bestaande unieke regionale samenwerking tussen UMCG en alle grote GGZ instellingen in de vier noordelijke provincies (www.rgoc.nl).
  • Project ZIRE: binnen het UMCG, Radboudumc en Rijnstate ziekenhuis gaan een aantal afdelingen drie jaar experimenteren met drie jaar vrij zijn van registratie. Binnen deze projecten wordt vervolgens onderzocht wat zinvolle registratie is.

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 nov 2016 - 01 nov 2017

Projectleider

  • dr. Ybe Meesters
    UMCG

MS/Schisis

Implementatie kernset Schisiszorg & Ontwikkeling kernset Multiple Sclerose

In de zorg rondom MS is er veel verschil tussen verschillende ziekenhuizen. Met onder meer de Second Opinion Poli heeft het MS team in VUmc de functie van een regionaal/nationaal 2e en 3e lijns Center of Exellence. De focus ligt hierbij primair op (her)diagnose, onderzoek en ziekte modellerende therapie en minder op de nazorg. Omdat het MS team een regionale en landelijke functie heeft is een goede samenwerking in de keten belangrijk voor de uitkomst van de geleverde zorg. De benchmark voor MS zorg in NL is vooralsnog financieel gedreven . De uitkomsten van zorg worden hierin nog niet meegenomen.

Het is van essentieel belang om helder te krijgen hoe het met de mensen gaat gedurende hun ziekteproces en hoe de kwaliteit van leven wordt beïnvloed als gevolg van hun specifieke zorgproces. Om dit helder te krijgen moeten op structurele wijze de juiste uitkomsten worden gemeten.Het hoofddoel van het project is de ingebruikname van de ‘beste’ set van uitkomstenindicatoren voor MS patiënten.

Verwachte impact (zorgbreed)

De ultieme wens is om alle MS-patiënten zolang mogelijk in de maatschappij te laten functioneren en daarbij niet te focussen op specifieke sub-groepen binnen de totale patiëntenpopulatie.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

ICHOM/Waardegedreven zorg

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 nov 2016 - 01 nov 2017

Teamsamenwerking

SUPPORTT

SUPORTT staat voor Sturen op een Positieve Professionele Werkomgeving voor Perfecte Patiëntenzorg door Top Teams. Er is een verband tussen de werkomgeving, veiligheidscultuur en team functioneren van zorgverleners en de uitkomsten van zorg voor patiënten. Men kan stellen: hoe positiever deze aspecten worden ervaren, des te beter de kwaliteit van zorg zal zijn.

In dit project wordt gezocht naar gevalideerde meetinstrumenten waarmee werkomgeving, veiligheidscultuur en teamfunctioneren systematisch gemeten kunnen worden. Een tweede onderdeel is een dialoog met bestuurders en experts over het meten van werkomgeving, veiligheidscultuur en teamfunctioneren. Wat levert het meten ons op en hoe draagt dit bij aan het structureel verbeteren van de kwaliteit van zorg? Aan de hand van het AIRE instrument werken we aan het ontwikkelen van  stuurinformatie waarmee werkomgeving, veiligheidscultuur en teamfunctioneren systematisch gemonitord kunnen worden. Hiermee kunnen bestuurders gerichte verbetermaatregelen in zetten ter verbetering van de kwaliteit van zorg. 

Verwachte impact (zorgbreed)

Wanneer we systematisch inzicht hebben in de omgeving en de cultuur kunnen we gericht sturen op verbetering van de zorg. En dat implementatie toegespitst kan worden op de specifieke afdeling in plaats van via een overall implementatie van bovenaf naar de werkvloer.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

  • NFU-programma Verbeteren van Kwaliteit: het beschikken over stuurindicatoren die inzicht verschaffen in de positieve werkomgeving maakt ook dat men direct aan de slag kan met het verbeteren hiervan.
  • NFU: Toekomstbestendige beroepen verpleging en verzorging: structurele inzicht in de werkomgeving voor verpleegkundigen kan waardevolle informatie opleveren voor het optimaal inrichten van verpleegkundige zorgteams met onderscheid tussen MBO en HBO niveau.
  • Het project heeft een link met de cultuurmeting benodigd voor (toekomstige) kwaliteitsaccreditaties zoals JCI of NIAZ Qmentum.
  • Het project Governance rond kwaliteitsverbetering: lessen uit lokale dashboardontwikkeling in het programma Sturen op Kwaliteit geeft inzicht in de wijze waarop de in dit project ontwikkelde stuurindicatoren gebruikt kunnen worden in dashboards op verschillende niveaus in het ziekenhuis.
  • Het onderzoeksproject 'Op weg naar goede leefsystemen' dat momenteel wordt uitgevoerd binnen de samenwerking van het NFU-consortium Kwaliteit van Zorg en Zorginstituut Nederland geeft inzicht in de wijze waarop zorgprofessionals met objectieve informatie omgaan ten behoeve van het verbeteren van de kwaliteit en geeft daarmee aanwijzingen voor de wijze waarop we de pilot kunnen inrichten.

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 nov 2016 - 01 nov 2017

Projectleider

  • drs. Susanne Maassen
    s.maassen@erasmus.nl
    Erasmus MC

Oncologie

BROC-Dashboard Basic Registry Oncological OutCome

Het UMCG Comprehensive Cancer Center heeft een applicatie ontwikkeld voor tumorwerkgroepen waarin van oncologische patiënten een minimale set aan variabelen menu gestuurd of gecodeerd wordt vastgelegd.

In dit project wordt een overzichtelijk dashboard ontwikkeld voor professionals en bestuurders gekoppeld aan dit Dashboard Basic Registry Oncological OutCome (BROC). Het dashboard is afgestemd met de andere umc’s en compatible met diverse systemen en EPD’s.

De selectie van de indicatorenset wordt na deskresearch samen met de pilotgroepen en bestuurders vastgesteld. Bij deze selectie wordt gebruik gemaakt van de impactmatrix en de reeds geïdentificeerde sets van CCN Zuid-West Nederland van het Erasmus MC.

Gedurende dit project vindt een pilot voor dashboardontwikkeling en -inrichting plaats met de belangrijkste key-indicatoren binnen de tumorwerkgroepen Thoracale Oncologie, Colorectale Oncologie en de afdeling Medische Oncologie. Het streven is een generieke aanpak zodat opschaling naar andere tumorwerkgroepen binnen het UMCG en andere ziekenhuizen goed verloopt. 

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

Projectleiders uit andere umc’s binnen het programma Registratie aan de bron en het programma Naar Regionale Oncologienetwerken (beide Citrienfonds).

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 nov 2016 - 01 nov 2017

Projectleider

  • prof. dr. Jourik Gietema
    UMCG

Moeder & Kind

Ontwikkeling Uitkomstenset Moeder & Kind in 3 VSV

In het zoeken naar informatie die zinvol is in het kader van kwaliteit van zorg voor de RvB om op te sturen wordt meer en meer gekeken naar uitkomsten en vooral naar uitkomsten die er voor de context van de patiënt zelf toe doen. Het is de patiënt zelf die het beste kan oordelen over het effect van de zorg op hem/haar zelf. Prenatale - en kraamzorg is een periode waarin de meeste vrouwen voor het eerst frequent in contact komen met de zorg. Het gebruik van PROMS in deze eerste kennismaking leert de zwangere dat betrokkenheid bij zorgevaluatie direct impact kan hebben op de ontvangen zorg.

Het toepasbaar maken van de ICHOM uitkomsten set voor Moeder en Kind centra voor de Nederlandse situatie en het combineren van deze set met de Perinatale Registratie (PeriNed). Aan het eind van het project is er een complete set, uitgewerkt tot op het niveau van data dictionary en geconfigureerd in een elektronisch data capture systeem en gekoppeld aan het EPD.

Verwachte impact (zorgbreed)

Set van indicatoren bestaande uit patiënt gerapporteerde uitkomsten en ervaringen, medische uitkomsten en proces parameters bedoeld voor verbetering en verantwoording aan divisie leiding en RvB.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

  • Geboortezorg
  • ICHOM/Waardegedreven zorg

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 jan 2017 - 31 dec 2017

Projectleider

  • prof. dr. Jan Hazelzet
    Kinderintensivist, hoogleraar kwaliteit en uitkomsten van de zorg
    Erasmus MC

Complexe wondzorg

Stuurindicatoren complexe wondzorg voor de Raad van Bestuur

Patiënten met wonden komen in alle zorgsettingen voor en het aantal wordt geschat op 500.000 per jaar. Een wond is geen ziekte, maar een symptoom dat in vrijwel alle medische specialismen voorkomt en vaak vanzelf geneest. Echter, niet alle wonden genezen en het aantal patiënten met complexe wonden neemt jaarlijks met 5.000 toe. Wonden hebben een grote impact op de kwaliteit van leven van patiënten en de kosten voor de maatschappij.

Wondgenezing wordt niet in de klinische setting bereikt en vanuit een umc is de patiënt meestal overgedragen naar de 2e of 1e lijn voordat wondgenezing heeft plaatsgevonden. Deze kenmerken maken de wondzorg een minor issue voor de individuele specialismen, maar een major issue voor de patiënt, het ziekenhuis en de maatschappij. De Wondexpertisecentra van de umc’s kunnen als geen ander de complexe wondzorg onderbouwen en de regiefunctie in de keten vorm geven. Deze regiefunctie optimaliseert de verbinding en afstemming tussen de medische specialismen én de partijen binnen de keten van zorg rond deze patiënten.

Verwachte impact (zorgbreed)

Het totaaloverzicht van de uitkomsten van de wondzorg biedt de Raad van Bestuur (RvB) een stuurinstrument bij juist die patiëntengroep waarvoor het umc de verantwoordelijkheid draagt en de regiefunctie in de keten heeft.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

Het project sluit aan bij

  • het programma Registratie aan de bron door het opleveren van standaarden en zorginformatiebouwstenen voor de wondgenezing.
  • het internationale accreditatieprogramma van de Joint Commission International (JCI) dat erop gericht is de schade aan patiënten te verminderen en de veiligheid te verhogen.
  • het verbeteren van communicatie: het 2e doel van de zes veiligheidsdoelen.
  • de ontwikkeling van de kwaliteitsstandaard complexe wondzorg door het Kwaliteitsinstituut Nederland en de samenstelling van prestatie-indicatoren door de beroepsvereniging Wondexpertise van de V&VN en het Wondplatform Nederland.
  • het besluit van Zorgverzekeraars om zorgaanbieders te contracteren op basis van uitkomsten en resultaten van de zorg, zoals genezingsduur, in plaats van de inspanningsverplichting.

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 jan 2017 - 01 jul 2017

Projectleider

  • dr. Anne-Margreet van Dishoeck
    a.m.vandishoeck@erasmusmc.nl
    Erasmus MC

Waardegedreven zorg

Value-based healthcare met bestaande data

In de pilot onderzoeken we of het mogelijk is om met bestaande administratieve gegevens, medische uitkomsten (complicaties), zorgverloop en kosten, betekenisvolle kwaliteitsinformatie te genereren. Hierbij is aandacht voor zowel de inhoud als de presentatie.

Deze informatie moet input zijn voor verbeteracties op afdelings-/teamniveau en de Raad van Bestuur de mogelijkheid geven om te sturen. In deze pilot ligt de nadruk dus op intern gebruik van kwaliteitsinformatie.

  1. Bestaande databronnen inventariseren
  2. Met bestaande gegevens betrouwbare en valide informatie genereren
  3. Met bestaande gegevens concept-stuurinformatie genereren

Verwachte impact (zorgbreed)

Een proeve van indicatoren en presentatiewijzen (‘dashboards’) op basis van beschikbare data die iets zeggen over de waarde van de zorg (kwaliteit voor patiënten / over kosten) voor borstkanker, slokdarmkanker en chronisch nierfalen. Aan de hand daarvan wordt door clinici en methodologen betrouwbaarheid, validiteit en bruikbaarheid beoordeeld.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

  • Uitsluitend gebruik van bestaande data over kwaliteit en kosten.
  • De bruikbaarheid wordt beoordeeld voor het NFU-verbetercluster Leren van Uitkomsten

Deelnemende umc’s

Looptijd
08 mar 2017 - 08 sep 2017

Projectleiders

  • prof. dr. Job Kievit
    Chirurg, hoogleraar medische besliskunde
    LUMC
  • prof. dr. Jan Hazelzet
    Kinderintensivist, hoogleraar kwaliteit en uitkomsten van de zorg
    Erasmus MC

Patiëntervaringen

Sturen en verbeteren door meten en gebruiken

Projectbeschrijving volgt.

Deelnemende umc’s

Looptijd
31 aug 2017

Programma Onderwijs in Kwaliteit