Umc’s

Programma Verbeteren van Kwaliteit

Redesign van zorgprocessen op basis van uitkomsten

Interprofessionele samenwerking

Hoe organiseren we de zorg zó dat teams hun gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de beste uitkomsten van zorg kunnen nemen? Zeven umc’s wisselen hun aanpak uit om interprofessionele teams op basis van uitkomsten van patiënten hun zorgprocessen in te richten op meer waarde voor de patiënt.

In de umc’s werken verschillende aandoeningsgerichte teams aan de (her)inrichting van zorgprocessen op basis van klinische- en patiëntuitkomsten. In dit verbetercluster vindt uitwisseling plaats tussen deze (klinische) teams; zij spiegelen onderling het design en redesign van behandel- en zorgprocessen, en de inrichting van verbetercycli en uitkomsten. Daarnaast wisselen umc’s hun kennis en gehanteerde methoden rond de aansturing van value-based health care uit.

 

Ook in Topaas: in het programma Sturen op Kwaliteit worden uitkomstensets bepaald voor diverse aandoeningen waaronder Schisis en Moeder & Kind.

Deelnemende umc’s

Contactpersoon
Mireille Pluijgers, MSc, arts

Teamsamenwerking

Interprofessionele samenwerking

De medische zorg voor patiënten in ziekenhuizen is in de loop der jaren  complexer geworden. De specialistische zorg neemt  toe en de inhoudelijke expertise wordt omvangrijker. Bij één patiënt zijn meestal meerdere zorgverleners betrokken. Dit stelt hoge eisen aan het teamwerk van zorgprofessionals. Goede teamtraining is daarbij onontbeerlijk.

Binnen de umc’s vinden verschillende vormen van teamtraining plaats. Binnen het VUmc loopt bijvoorbeeld het trainingsprogramma TeAMS, een verplichte training voor alle medisch specialisten. In dit programma worden complexe situatie en het multidisciplinair overleg interprofessioneel getraind. In andere umc’s wordt bijvoorbeeld gerichte scholing in Crew Resource Management (CRM) aangeboden.. De deelnemende umc’s willen de teamtraining voor zorgprofessionals in eigen huis versterken en hierbij van elkaar leren. Wat maakt een teamtraining tot een goede training, welk onderwijsmateriaal is voor deze trainingen binnen de samenwerking van de umc’s beschikbaar? En wat is nodig om een teamtrainingsprogramma breder uit te rollen? Deze vragen staan centraal in dit verbetercluster.

 

Ook in Topaas: in het Programma Sturen op Kwaliteit wordt stuurinformatie ontwikkeld waarmee onder meer teamfunctioneren systematisch kan worden gemonitord.

Deelnemende umc’s

Contactpersoon
Mireille Pluijgers, MSc, arts

Programma Sturen op Kwaliteit

Intensive care

Stuurinformatie destilleren op de intensive care

Op de afdeling Intensive Care (IC) wordt generieke en afdelingsspecifieke kwaliteitsinformatie verzameld. De grote hoeveelheid informatie belemmert echter het gebruik van de informatie door zorgverleners, managers en bestuurders ter bevordering van de kwaliteit van zorg. Vanuit de umc’s is dan ook de behoefte geuit om te komen tot een compacte set van indicatoren voor bestuurders (RvB, divisiebestuur) op ziekenhuisniveau die waar nodig verdiept kan worden tot het niveau van de afdeling en/of de zorgverlener.

Doel van het project was het ontwikkelen van een gezamenlijk gedragen methode om de beschikbare kwaliteitsinformatie op de IC-afdelingen te beperken en samen te vatten tot bruikbare en betekenisvolle stuurinformatie voor bestuurders.

De Delphistudie uitgevoerd onder 48 belanghebbenden in het Radboudumc en LUMC (in ieder ziekenhuis zes bestuurders, zes intensivisten, zes verpleegkundigen en zes ex-IC-patiënten en/of hun naasten) heeft twee kernsets van tien kwaliteitsparameters opgeleverd. De bruikbaarheid van deze sets is geëvalueerd in een kwartaalgesprek tussen IC-afdelingshoofd en Raad van Bestuur. De kernset van stuurinformatie lijkt van meerwaarde voor de dialoog over kwaliteit tussen bestuurders en afdelingen. De binnen dit project ontwikkelde methode vormt een stappenplan voor andere afdelingen en/of specialismen om uit alle verzamelde kwaliteitsinformatie een bruikbare en betekenisvolle kernset van kwaliteitsparameters voor bestuurders te destilleren.

Verwachte impact (zorgbreed)

Conclusies en aanbevelingen: Stuurinformatie voor bestuurders die leidt tot een goede dialoog over kwaliteit tussen zorgverlener en bestuurder heeft de volgende kenmerken:

  • Gegenereerd door representatief expertpanel van zorgverleners, bestuurders, en expatiënten of hun naasten
  • Geen “real time” dashboardinformatie waar een bestuurder dagelijks naar kijkt, maar stuurinformatie om enkele malen per jaar (bijvoorbeeld tijdens een kwartaalgesprek) de dialoog over kwaliteit te voeren
  • Kwantitatieve en kwalitatieve informatie, waarbij de nadruk ligt op het verhaal achter de cijfers
  • Niet alleen de geïdentificeerde problemen, maar ook de verbeteracties/-afspraken en actuele stand van zaken

Eindrapportage, lees ook het nieuwsbericht hierover.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

Programma Registratie aan de bron

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 okt 2015 - 01 apr 2017

Projectleider

  • dr. Marieke Zegers
    MariekeZegers@radboudumc.nl
    Radboudumc

Visieontwikkeling & expertise

Dialoog met bestuurders en expertgroep

Bestuurders met de portefeuille Patiëntenzorg ontwikkelen in dialoog met elkaar een gezamenlijke visie op kwaliteitsinformatie ten behoeve van het sturen op kwaliteit van zorg. Ter ondersteuning daarvan vindt zo’n dialoog ook plaats in de kringen van het College van Medisch Directeuren en het NFU-consortium Kwaliteit van Zorg. Input wordt ontvangen van enkele dialoog-ondersteunende projecten en van de ontwikkelprojecten.

Het doel van dit project is het ontwikkelen van een gedragen visie op kwaliteitsinformatie voor het sturen op kwaliteit en transparantie en het gebruik daarvan. Het project is in oktober 2015 gestart en loopt in het tweede jaar van het programma Sturen door.

De te ontwikkelen visie zal de koers bepalen van (verdere) ontwikkeling van de informatievoorziening over de kwaliteit van zorg voor de Raad van Bestuur. De resultaten en tussenresultaten van dit project komen daartoe beschikbaar binnen dit programma én worden aangereikt en besproken voor gebruik daarbuiten, ook in algemene ziekenhuizen.

Verwachte impact (zorgbreed)

  • Gezamenlijke en gedragen visie over kwaliteitsinformatie voor het sturen op kwaliteit en transparantie.
  • Een gezamenlijk beeld van selectie, betekenis en gebruik van kernsets en van de optimale omvang van de kwaliteitsinformatie voor de Raad van Bestuur.
  • Zicht op lokale keuzen voor indicatoren t.b.v. sturing en het gebruik ervan.

 

Proceedings Invitational Organizing for Improvement, London April 26, 2017

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 okt 2015 - 31 dec 2018

Projectleider

  • dr. Nico van Weert
    Coördinator

Heelkunde

Kernset Heelkunde

De umc’s staan voor een duurzame en patiëntveilige gezondheidszorg. Om dit doel te bereiken wordt veel kwaliteitsinformatie verzameld. De betekenis van deze informatie is echter niet eenduidig zodat sturing op verbetering van de kwaliteit van de patiëntenzorg moeilijk is.

In dit project is gestart met de definiëring van een kernset voor de afdeling heelkunde en het beschikbaar stellen hiervan voor de RvB. Deze krijgt hiermee inzicht in de kwaliteit van de geleverde zorg door de afdeling heelkunde en tevens de mogelijkheid om hierop te sturen. De kernset bevat betrouwbare en vergelijkbare kwaliteitsinformatie op ziekenhuisniveau waarbij de reeds beschikbare informatie het vertrekpunt is.

Naast definiëring van een kernset is ontwikkeling van een gezamenlijke visie op sturen op kwaliteit en transparantie doel van dit project. De kwaliteitsinformatie wordt benut om de patiëntenzorg te verbeteren.

Basis voorwaarden kernset:

  • Het direct kunnen doorklikken naar patiëntgegevens
  • Actuele data (maandelijks)
  • Benchmark UMC’s
  • Visueel aantrekkelijk en eenvoudig op te vragen
  • Dashboard moet flexibel zijn (nieuwe indicatoren erop, oude eraf)
  • Samenhang tussen indicatoren, makkelijk switchen en doorklikken

Succesfactoren:

  • Motivatie eindgebruiker
  • Zorgverleners ontwikkelen zelf indicatoren
  • Eenvoudig benaderbare data
  • Hergebruik bestaande data
  • Gebruik data van verplichte externe aanlevering
  • Verantwoordelijkheid verbeteren bij zorgverlener (ondersteund door kwaliteitsbureau)

Belemmerende factoren:

Hoge werkbelasting

  • Geen aansluiting bestaande systemen

Verwachte impact (zorgbreed)

Het project leidt tot een werkwijze waarmee sturen op kwaliteit op een duurzame wijze bereikt kan worden.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

DICA, IGZ, LBZ

Eindrapportage

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 jun 2016 - 31 mei 2017

Projectleider

  • dr. Marlies Jansen-Landheer
    LUMC

Ervaring

Governance rond kwaliteitsverbetering: lessen uit lokale dashboardontwikkeling

In en door ziekenhuizen wordt veel kwaliteitsinformatie verzameld. De betekenis hiervan voor sturing op kwaliteitsverbetering is divers. In dit project wordt in acht umc’s, twee algemene ziekenhuizen en twee topklinische opleidingsziekenhuizen geïnventariseerd op welke manier informatie over kwaliteit van zorg wordt verzameld, getoond op dashboards en welke ondersteunende structuren bij het sturen daarop behulpzaam zijn (zoals periodieke gespreksrondes en leerbijeenkomsten).

Voortgebouwd wordt op data en inzichten uit drie studies naar kwaliteitsgovernance die in 2014 in opdracht van het Kwaliteitsinstituut en het NFU-consortium Kwaliteit van Zorg zijn uitgevoerd op meso (ziekenhuis) en micro (werkplek) niveau. Ook verzamelde data binnen de acht umc’s en verslagen van relevante bijeenkomsten zoals de Dialoogsessies met de bestuurders uit de umc’s worden benut. Daarnaast wordt in dit project een verbinding gelegd met de lopende studie over ‘goede leefsystemen’, waarin onder andere wordt onderzocht hoe zorgprofessionals externe indicatoren die onderdeel uitmaken van de ‘systeemwereld’ benutten voor interne sturing in de ‘leefwereld’.

Dit project heeft geresulteerd in een handreiking met praktische lessen, goede voorbeelden en discussiepunten voor de lokale ontwikkeling van het sturen op kwaliteit: 

Eindrapportage

Pecha kucha (zip, download begint meteen)

Presentatie

Publicatie: Broekharst D., Weggelaar A.M., Bruijne M. de. (2017) Leren van dashboard-ontwikkeling in ziekenhuizen: Data nog sterk extern gericht. BoardRoom Zorg. 08: 26-29.

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 jul 2016 - 31 dec 2016

Projectleiders

  • dr. Anne Marie Weggelaar-Jansen MCM
    Erasmus MC
    weggelaar@bmg.eur.nl
  • dr. Martine de Bruijne
    Universitair hoofddocent kwaliteit en veiligheid
    VUmc

Teamsamenwerking

SUPPORTT

SUPORTT staat voor Sturen op een Positieve Professionele Werkomgeving voor Perfecte Patiëntenzorg door Top Teams. Er is een verband tussen de werkomgeving, veiligheidscultuur en team functioneren van zorgverleners en de uitkomsten van zorg voor patiënten. Men kan stellen: hoe positiever deze aspecten worden ervaren, des te beter de kwaliteit van zorg zal zijn.

In dit project wordt gezocht naar gevalideerde meetinstrumenten waarmee werkomgeving, veiligheidscultuur en teamfunctioneren systematisch gemeten kunnen worden. Een tweede onderdeel is een dialoog met bestuurders en experts over het meten van werkomgeving, veiligheidscultuur en teamfunctioneren. Wat levert het meten ons op en hoe draagt dit bij aan het structureel verbeteren van de kwaliteit van zorg? Aan de hand van het AIRE instrument werken we aan het ontwikkelen van  stuurinformatie waarmee werkomgeving, veiligheidscultuur en teamfunctioneren systematisch gemonitord kunnen worden. Hiermee kunnen bestuurders gerichte verbetermaatregelen in zetten ter verbetering van de kwaliteit van zorg. 

Verwachte impact (zorgbreed)

Wanneer we systematisch inzicht hebben in de omgeving en de cultuur kunnen we gericht sturen op verbetering van de zorg. En dat implementatie toegespitst kan worden op de specifieke afdeling in plaats van via een overall implementatie van bovenaf naar de werkvloer.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

  • NFU-programma Verbeteren van Kwaliteit: het beschikken over stuurindicatoren die inzicht verschaffen in de positieve werkomgeving maakt ook dat men direct aan de slag kan met het verbeteren hiervan.
  • NFU: Toekomstbestendige beroepen verpleging en verzorging: structurele inzicht in de werkomgeving voor verpleegkundigen kan waardevolle informatie opleveren voor het optimaal inrichten van verpleegkundige zorgteams met onderscheid tussen MBO en HBO niveau.
  • Het project heeft een link met de cultuurmeting benodigd voor (toekomstige) kwaliteitsaccreditaties zoals JCI of NIAZ Qmentum.
  • Het project Governance rond kwaliteitsverbetering: lessen uit lokale dashboardontwikkeling in het programma Sturen op Kwaliteit geeft inzicht in de wijze waarop de in dit project ontwikkelde stuurindicatoren gebruikt kunnen worden in dashboards op verschillende niveaus in het ziekenhuis.
  • Het onderzoeksproject 'Op weg naar goede leefsystemen' dat momenteel wordt uitgevoerd binnen de samenwerking van het NFU-consortium Kwaliteit van Zorg en Zorginstituut Nederland geeft inzicht in de wijze waarop zorgprofessionals met objectieve informatie omgaan ten behoeve van het verbeteren van de kwaliteit en geeft daarmee aanwijzingen voor de wijze waarop we de pilot kunnen inrichten.

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 nov 2016 - 01 nov 2017

Projectleider

  • drs. Susanne Maassen
    s.maassen@erasmus.nl
    Erasmus MC

Patiëntenparticipatie

CAPPUCCINO

Sturing op kwaliteit door de Raad van Bestuur in umc’s vindt momenteel vooral plaats aan de hand van indicatoren voor patiëntgerichtheid (zoals de CQ-index en de verbeteracties daarop). Er bestaat echter nog geen indicator voor de mate van patiënt- en familieparticipatie dat geplaatst kan worden op het kwaliteitsdashboard van de Raad van Bestuur.

Doel van het CAPPUCCINO-project (Creating an Academic Patiënt Participation Uniform Care Control Indicator: a New Outlook) is de ontwikkeling van een kernset van indicatoren voor de mate van patiënt- en familieparticipatie, inclusief factsheets en handleiding. Deze kernset kan zowel binnen als tussen de umc’s worden gebruikt om patiënt- en familieparticipatie te stimuleren. Hiermee kan de RvB een aanzet te geven tot een hogere trede op de zogeheten participatieladder in de richting van partnership en regie.

De kernset wordt volgens een wetenschappelijke consensusmethode samengesteld in samenwerking met een nationale groep experts van diverse umc’s en patientenvertegenwoordigers. Vervolgens worden de kernset, concept-factsheets per indicator en de handleiding in de praktijk getoetst in het Radboudumc, AMC, MUMC+ en LUMC. 

Verwachte impact (zorgbreed)

  • Kernset stuurindicator(en) patiënt- en familieparticipatie.
  • Factsheets per indicator en handleiding.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven
Dit project hangt samen met diverse programma’s en projecten waarmee NFU onderwerpen zoals gedeelde besluitvorming, patiëntparticipatie, terugdringen onnodige zorg, persoonsgerichte zorg of personalized care actief stimuleert:

Met al deze activiteiten geeft de NFU uitvoering aan de kwaliteitsvisie 2017-2020 Meer waarde voor de patiënt.

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 nov 2016 - 01 nov 2017

Projectleider

  • prof. dr. Hester Vermeulen
    HesterVermeulen@radboudumc.nl
    Radboudumc

HHO keten

Hoofdhalsoncologie: van een reeks ketenindicatoren naar compacte stuurinformatie voor bestuurders      

Hoofdhalsoncologische (HHO) zorg is hoog-complexe laag-frequente zorg, in Nederland geconcentreerd in 8 HHO-centra (HHOC’s) en 6 preferente partnerziekenhuizen. Om de kwaliteit van de HHO ketenzorg, geleverd in deze centra, te meten en te verbeteren is in 2014 de Dutch Head & Neck Audit (DHNA) opgericht (subsidie CZ).

Hierin worden data geregistreerd voor het meten van de ketenzorgkwaliteit met 39 indicatoren, geselecteerd vanuit een medisch specialistisch, paramedisch en patiëntenperspectief. Voor medici en paramedici is het goed mogelijk om het overzicht te houden over de grote hoeveelheid aan informatie en jaarlijks keuzes te maken voor verbeteringen. Echter, de grote informatiehoeveelheid is niet geschikt als stuurinformatie voor bestuurders en hoofden van afdelingen die participeren in de zorgketen, terwijl op dat niveau wel behoefte is aan inzicht in deze hoogcomplexe zorg. 

Om de beschikbare kwaliteitsinformatie uit de DHNA samen te vatten in bruikbare en betekenisvolle stuurinformatie voor bestuurders van de HHOC’s en hun preferente partners is de doelstelling om een compacte set indicatoren te extraheren, voor zowel een HHOC als een preferente partner, samen met bestuurders en de DHNA stakeholders (patiënten, medisch specialisten en paramedici).

Verwachte impact (zorgbreed)

Het product is een compacte set van 4-5 HHO-ketenindicatoren voor bruikbare en betekenisvolle stuurinformatie voor de RvB, afdelingshoofden en keteneigenaren van een HHOC (Radboudumc) en van een preferente partner (Rijnstate). De geselecteerde set kan vervolgens toegepast worden in alle 8 Nederlandse HHOC’s en 6 preferente partners en fungeert tevens als een template voor andere oncologische ketens zoals de gastro-intestinale, gynaecologische en urologische keten.

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 jan 2017 - 01 jul 2017

Projectleider

  • dr. Rosella Hermens
    rosella.hermens@radboudumc.nl
    Radboudumc

Complexe wondzorg

Stuurindicatoren complexe wondzorg voor de Raad van Bestuur

Patiënten met wonden komen in alle zorgsettingen voor en het aantal wordt geschat op 500.000 per jaar. Een wond is geen ziekte, maar een symptoom dat in vrijwel alle medische specialismen voorkomt en vaak vanzelf geneest. Echter, niet alle wonden genezen en het aantal patiënten met complexe wonden neemt jaarlijks met 5.000 toe. Wonden hebben een grote impact op de kwaliteit van leven van patiënten en de kosten voor de maatschappij.

Wondgenezing wordt niet in de klinische setting bereikt en vanuit een umc is de patiënt meestal overgedragen naar de 2e of 1e lijn voordat wondgenezing heeft plaatsgevonden. Deze kenmerken maken de wondzorg een minor issue voor de individuele specialismen, maar een major issue voor de patiënt, het ziekenhuis en de maatschappij. De Wondexpertisecentra van de umc’s kunnen als geen ander de complexe wondzorg onderbouwen en de regiefunctie in de keten vorm geven. Deze regiefunctie optimaliseert de verbinding en afstemming tussen de medische specialismen én de partijen binnen de keten van zorg rond deze patiënten.

Verwachte impact (zorgbreed)

Het totaaloverzicht van de uitkomsten van de wondzorg biedt de Raad van Bestuur (RvB) een stuurinstrument bij juist die patiëntengroep waarvoor het umc de verantwoordelijkheid draagt en de regiefunctie in de keten heeft.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

Het project sluit aan bij

  • het programma Registratie aan de bron door het opleveren van standaarden en zorginformatiebouwstenen voor de wondgenezing.
  • het internationale accreditatieprogramma van de Joint Commission International (JCI) dat erop gericht is de schade aan patiënten te verminderen en de veiligheid te verhogen.
  • het verbeteren van communicatie: het 2e doel van de zes veiligheidsdoelen.
  • de ontwikkeling van de kwaliteitsstandaard complexe wondzorg door het Kwaliteitsinstituut Nederland en de samenstelling van prestatie-indicatoren door de beroepsvereniging Wondexpertise van de V&VN en het Wondplatform Nederland.
  • het besluit van Zorgverzekeraars om zorgaanbieders te contracteren op basis van uitkomsten en resultaten van de zorg, zoals genezingsduur, in plaats van de inspanningsverplichting.

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 jan 2017 - 01 jul 2017

Projectleider

  • dr. Anne-Margreet van Dishoeck
    a.m.vandishoeck@erasmusmc.nl
    Erasmus MC

RvB Risicomanager Regio

Risico’s van regionale samenwerking herkennen met bestaande database

De rol van de umc’s en partnerziekenhuizen bij samenwerking in de regio vraagt, naast professionele monitoring van de kwaliteit, ook om strategische monitoring en sturing van de kwaliteit van zorg. Het is de verantwoordelijkheid van de Raad van Bestuur om risico’s in de regionale samenwerking te identificeren en te managen. De juiste selectie en duiding van relevante kwaliteitsinformatie uit bestaande bronnen, helpt bestuurders hierbij.

Door het gebruik van een combinatie van kwantitatieve (data uit registraties) en kwalitatieve (interviews en prospectieve risico-inventarisatie) methoden worden problemen bij samenwerking in de regio en onderliggende oorzaken en risico’s geïdentificeerd. Samen met de (al dan niet vastgelegde) bestuurlijke verantwoordelijkheden, zullen de resultaten leiden tot een urgentiebesef bij bestuurders voor het systematisch en proactief signaleren van risico’s bij samenwerking in de regio. Het project laat zien welke informatiebronnen en methoden geschikt zijn voor bestuurders voor het structureel en vroegtijdig inventariseren van deze risico’s. Met een overzicht van risico’s kunnen zij hun medewerkers voorbereiden op risico’s die gepaard gaan met (nieuwe) samenwerking in de regio en hiermee de kwaliteit van zorg in de regio bewaken en garanderen.

Goed zicht op risico’s is niet alleen in het belang van bestuurders voor interne sturing, maar ook in het belang van toezichthouders waaraan de ziekenhuizen verantwoording afleggen, o.a. Raad van Toezicht en de IGZ (NTVZ 2016).

Verwachte impact (zorgbreed)

Wat de risico’s en effecten zijn van samenwerking in de regio is grotendeels onbekend. Dit project zal deze hiaten in kaart brengen en hiermee de urgentie voor dit onderwerp vergroten.

Samenhang en samenwerking met lopende initiatieven

  • Meetbaar Beter (hartcentra)
  • Project MONITOR-IC (regio IC)
  • Programma Sturen op Kwaliteit - Project Intensive Care

Deelnemende umc’s

Looptijd
01 jul 2017 - 31 dec 2017

Projectleider

  • dr. Marieke Zegers
    MariekeZegers@radboudumc.nl
    Radboudumc

Programma Onderwijs in Kwaliteit